De Hond is het elfde dier van de Chinese dierenriem en staat in de traditie voor trouw en rechtvaardigheid. Wie in een jaar van de Hond geboren is, krijgt in de klassieke lezing een sterke drang mee om te beschermen wat van hem is, zijn mensen net zo goed als zijn principes. Dit is de buurman die naar buiten loopt als er 's nachts iemand bij de fietsenstalling rondhangt, en de collega die in het overleg zegt dat het niet eerlijk is dat de nieuwe stagiair alle avonddiensten krijgt. Het vaste element van de Hond is Aarde en het dier is yang, dus eerder in actie dan afwachtend.
Die trouw heeft wel een voorwaarde: vertrouwen. De Hond neemt de tijd voor nieuwe mensen en wil eerst zien of iemand betrouwbaar is. Wie eenmaal binnen is, heeft er een bondgenoot bij voor lange tijd. De keerzijde is zorgelijkheid. Een Hond ligt wakker van wat er mis kan gaan, van een verbouwing die uitloopt tot een vriend die al drie dagen niets laat horen, en ziet eerder het risico dan de kans. Onrecht maakt hem fel, soms feller dan de situatie vraagt. Het blijft een lezing uit een traditie, geen beschrijving die voor iedereen uit hetzelfde geboortejaar hoeft te kloppen.